Energie uit biomassa:Tweede generatie bioethanol

Energie uit biomassa:Tweede generatie bioethanol”

Aanvang: 20.00 uur ( 13 januari 2009 )

Spreker: Prof. dr.ir.Jan A.M. de Bont

Titel: “Energie uit biomassa:Tweede generatie bioethanol”

Samenvatting:

Ethanol wordt al eeuwenlang geproduceerd voor voornamelijk menselijke consumptie uit suikers zoals glucose en fructose die in diverse planten voorkomen. De suikers worden door gist omgezet (gefermenteerd) en het resultaat is de vorming van ethanol en koolzuur naast gistgroei. De productieprocessen zijn niet bijzonder ingewikkeld en in grote lijnen komt het erop neer dat de gist wordt toegevoegd aan een suikerhoudende oplossing onder uitsluiting van zuurstof. De afgelopen jaren is de productie van ethanol ook ter hand genomen om te voorzien in een alternatieve vloeibare brandstof (nu bioethanol genaamd). Hierbij wordt meestal suiker gebruikt die uit suikerriet of suikerbiet afkomstig is (sucrose dat eerst in fructose en glucose wordt omgezet) of uit tarwe of maïs (zetmeel dat eerst in glucose wordt omgezet). Collectief worden dit eerste generatie grondstoffen genoemd. De hoeveelheden aan suikers die ermee gepaard gaan, zijn aanzienlijk, en dientengevolge kunnen ze een effect hebben op de beschikbaarheid van grondstoffen (en land) voor andere doeleinden. De laatste tijd is er ten aanzien van dit aspect discussie ontstaan.

In de natuur komen suikers ook voor in andere dan de hierboven genoemde gewassen en met name in andere vormen. In plantaardig materiaal komt cellulose voor dat na hydrolyse glucose oplevert. Het lijkt in die betekenis op zetmeel, maar dit glucosepolymeer is aanzienlijk moeilijker in zijn monomere component glucose te hydrolyseren dan zetmeel. Verder kan hemicellulose voorkomen, dat ook lastig te hydrolyseren is, en bovendien levert dit geen glucose op maar andere suikers zoals xylose en arabinose. Deze suikers kunnen door gisten niet omgezet worden in ethanol. Het is vanuit het perspectief van de beschikbaarheid van grondstoffen zeer aantrekkelijk om cellulose en hemicellulose in bioethanol om te zetten omdat dan restproducten verwerkt kunnen worden evenals gras- en houtachtige gewassen. Deze grondstoffen worden tweede generatie grondstoffen genoemd. Het probleem is evenwel dat ze momenteel niet economisch rendabel benut kunnen worden omdat de hydrolyse van de desbetreffende polymeren problematisch is en omdat er nog werk te doen valt aleer geschikte gisten beschikbaar zijn die ook xylose en arabinose kunnen fermenteren.

Koninklijke Nedalco heeft de intentie om op redelijk korte termijn een rol te spelen op het gebied van de tweede generatie bioethanol, zowel in Europa als in de VS. Jan de Bont zal tijdens zijn lezing ingaan op technologische aspecten met betrekking tot enzymen en gisten die een rol zullen gaan spelen bij de verwerking van tweede generatie grondstoffen.

Dit bericht is geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink.