Leren en geheugen: Hoe doen de hersenen dat ?

Leren en geheugen: Hoe doen de hersenen dat ?”

Aanvang: 20.00 uur ( 12 februari 2008 )

Spreker: Prof. dr. W.H. Gispen

Titel: “Leren en geheugen: Hoe doen de hersenen dat ?”

Samenvatting:

Onze hersenen bestaan uit miljarden zenuwcellen die in netwerken samenwerken. Dat weten we nu, maar in de oudheid lag dat anders. Toen dacht men dat de hersenen als koelaggregaat voor het hart fungeerden, van cellen was tot het tweede gedeelte van de 19de eeuw geen sprake. Tot aan de Renaissance dacht men dat een proces als leren en geheugen zich met name in de ventrikels van de hersenen zouden afspelen. Descartes is eigenlijk de eerste die wijst op een neuraal substraat met bijbehorend proces voor leren en geheugen.
Gedurende de hele vorige eeuw werd gezocht naar de ‘hardware’ basis voor het leerproces en de vorming van het geheugenspoor. Het is nu mogelijk om in de hersenen vast te stellen dàt er geleerd wordt, maar niet wàt er geleerd wordt. Van de biologie van de herinnering weten we eigenlijk nog maar zeer weinig. De vorming van het geheugenspoor is mogelijk omdat hersencellen niet statisch zijn, maar juist zeer dynamisch. Afhankelijk van voorafgaande ervaringen of tijdens hevige actie kunnen ze van vorm en dus functie veranderen. Je hersenen zijn geen telefooncentrale!
De dynamische eigenschappen worden wel samengevat met het begrip plasticiteit. Door dit inzicht weten we nu hoe en waar in de hersenen informatie in de netwerken wordt opgeslagen (geheugenspoor). Als we ouder worden, worden onze hersenen minder plastisch en kunnen ze moeilijk nieuwe geheugensporen maken. Maar dat is geen reden tot paniek!

Dit bericht is geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink.